Gedragsregel 13 – mededelingen over schikkingsonderhandelingen

Over gedragsregel 12, betrekking hebbende op de mededelingen tussen advocaten en in hoeverre de rechter daarover mag worden geïnformeerd, heb ik eerder geschreven. Over gedragsregel 13 niet. Een opvallende uitspraak van het Hof van Discipline van 23 november 2015 (ECLI:NL:TAHVD:2015:296) geeft mij aanleiding deze regel te bespreken.

In het bijzonder omdat ik niet zeker weet of ik het wel met het oordeel van het Hof [1] eens ben. Uiteraard schrijf ik dit op persoonlijke titel. Ook ben ik benieuwd naar de visie van de lezer op genoemde uitspraak.

Gedragsregel 13

Eerst gedragsregel 13 zelf. Deze luidt: “Omtrent de inhoud van tussen advocaten gevoerde schikkingsonderhandelingen mag aan de rechter aan wiens oordeel of instantie aan wier oordeel de zaak is onderworpen, niets worden medegedeeld zonder toestemming van de advocaat van de wederpartij”. Doel van deze regel is onderling overleg tussen advocaten, onderhandelingen en het zoeken naar oplossingen buiten proces te vergemakkelijken, aldus de toelichting in 1992. Overigens is in de toelichting te lezen dat bij de toenmalige herziening lang bij regels 12 en 13 is stilgestaan en het de vraag was of en zo ja hoe regels over confraternele correspondentie en mededelingen over schikkingsonderhandelingen in de gedragsregels zouden moeten worden vormgegeven. De onlangs ingestelde commissie Loorbach die zich buigt over de komende herziening van de gedragsregels zal deze regels ongetwijfeld weer grondig evalueren.

Terug naar de huidige regel. Wij maken het allemaal wel mee. Tijdens een comparitie worden partijen de gang op gestuurd. Na een al dan niet serieuze schikkingspoging komen partijen zonder resultaat terug in de zittingszaal. Over de inhoud van schikkingsonderhandelingen mag je aan de rechter geen mededelingen doen, dus als betamelijk advocaat doe je dat niet. Jij (of jouw wederpartij) zou wel willen, al was het maar om de rechter een indicatie te geven hoe de beslissing zal moeten uitvallen of om de rechter te tonen dat de wederpartij uitermate onredelijk is. Allemaal in de hoop dat dit de rechter gunstig doet stemmen voor de cliënt. Helaas (of gelukkig), dat mag niet. Overigens vaak tot teleurstelling van de rechter, die graag hoort over de schikkingsonderhandelingen om te bezien of hij/zij daarin de helpende hand kan bieden. Met enige regelmaat zullen partijen en hun raadslieden toch instemmen met het delen van deze informatie met de rechter en zal de rechter vervolgens toch een regeling tot stand weten te brengen. Of de cliënt zelf doet hierover ter zitting een boekje open. De cliënt is immers niet gehouden aan regel 13. Versta mij niet mis: ik propageer uiteraard niet dat de advocaat zijn cliënt instrueert of voorhoudt de rechter te informeren over de inhoud van schikkingsonderhandelingen, teneinde regel 13 te omzeilen.

De zaak

De hierboven genoemde zaak betrof een klacht van een werknemer tegen de advocaat die optrad voor de werkgever. Tussen partijen is een procedure gevoerd over slecht werkgeverschap. In dat kader hebben tussen partijen schikkingsonderhandelingen plaatsgevonden. Vervolgens is een ontslagprocedure tussen partijen gevoerd. In het kader van die procedure heeft de beklaagde advocaat zich als volgt uitgelaten over tijdens de procedure over slecht werkgeverschap gevoerde schikkingsonderhandelingen:

De gemachtigden van partijen hebben in de periode maart – mei 2012 bij herhaling met elkaar gesproken over een minnelijke regeling, waarbij W. (dit is de werkgever van klaagster – raad) uiteindelijk volledig tegemoet is gekomen aan de voorwaarden van werkneemster (klaagster – raad). Evenwel heeft zij op het laatste moment haar goedkeuring aan de getroffen regeling onthouden”.

Terecht overweegt de Raad van Discipline dat hiermee mededelingen zijn gedaan over de inhoud van schikkingsonderhandelingen. In hoger beroep ging het over het oordeel van de Raad dat deze mededeling tuchtrechtelijk ontoelaatbaar was en over de overweging dat het feit dat deze mededelingen zijn gedaan in de slecht werkgeverschapsprocedure en niet in de ontslagprocedure, dit niet anders maakt omdat beide procedures betrekking hadden op hetzelfde geschil, te weten het functioneren van klaagster als werkneemster. Onder die omstandigheden mocht, aldus de Raad, de informatie uit de schikkingsonderhandelingen, die betrekking hadden op de kwestie van het slecht werkgeverschap, niet aan de rechter die over de ontslagprocedure oordeelde ter kennis worden gebracht. De Raad achtte daarom dit klachtonderdeel gegrond. Daarmee worden de slecht werkgeverschapsprocedure en de ontslagprocedure door de Raad dus als één zaak als bedoeld in gedragsregel 13 gezien. Dat lijkt mij juist, zeker indien beide procedures hetzelfde feitencomplex betreffen. Anders kan het zijn indien de schikkingsonderhandelingen in de slecht werkgeverschapsprocedure geheel niet raken aan de aspecten die onderwerp vormden van de ontslagprocedure, maar daarvan blijkt uit de uitspraken niets.

Hoe dan ook, het Hof van Discipline vernietigde de beslissing van de Raad. Het Hof overweegt dat gedragsregel 13 zich nadrukkelijk richt op het niet mededelen van de inhoud van schikkingsonderhandelingen aan de rechter aan wiens oordeel of instantie “de zaak” is onderworpen. Het Hof oordeelt dat het hier ging om een mededeling die betrekking had op een andere zaak met een andere vordering. Dat de procedure waarin de mededeling werd gedaan tussen dezelfde partijen werd gevoerd en voortvloeide uit een arbeidsovereenkomst ter zake waarvan in 2011 was geprocedeerd, maakt dit niet anders, aldus het Hof.

Van belang is te weten dat de ontslagprocedure in 2013 werd gevoerd. Ik hoop maar dat de ontslagprocedure (in tijd of wat feitencomplex betreft) ver verwijderd stond van de slecht werkgeverschapsprocedure van 2011 in het kader waarvan dus in 2012 schikkingsonderhandelingen zijn gevoerd. En wel zover verwijderd dat het niet meer om dezelfde zaak ging als bedoeld in gedragsregel 13. Ik zou in z’n algemeenheid menen dat je in een ontslagprocedure geen mededelingen mag doen over schikkingsonderhandelingen die bijvoorbeeld plaatsvonden in het kader van een procedure tot toelating tot het werk. Eens?

Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on Facebook

Advocaten

Huan Tan

Huan Tan

+31 (0)88 30 300 31 tan@benvalor.com